De eerste keer op een paard
De manege rook naar hooi en zadel. Mijn pony heette Sproet. Hij was bruin met witte vlekken op zijn voorhoofd.
De juf hielp me op zijn rug. Mijn voeten kwamen in de stijgbeugels. Het zadel was harder dan ik had gedacht.
"Dit is hoog", zei ik.
De juf knikte. "Het went."
Sproet stapte. Eerst stond mijn lichaam stil en bewoog Sproet. Toen begon mijn lichaam mee te bewegen.
Na twee rondjes vroeg de juf: "Ga je proberen te draven?"
Draven was sneller dan stappen. Ik had het andere kinderen zien doen. Het zag er hobbelig uit.
Ik knikte ja. Stilletjes.
De juf maakte een klakje. Sproet ging sneller. Mijn billen botsten op het zadel. Heel hard.
"Sta in de stijgbeugels", zei de juf.
Ik probeerde. De eerste keer zakte ik weer terug. De tweede keer hield ik het twee tellen vol. De derde keer iets langer.
Na een rondje was ik moe. Maar het hobbelen was minder.
De juf liet Sproet stappen. "Goed gedaan voor de eerste keer."
Ik stapte van de pony af. De grond voelde raar. Te stevig.
In de auto naar huis was ik stil.
"Was het leuk?" vroeg mama.
"Het was anders", zei ik. Dat was de waarheid.
Klaar.
Leesmoment
May 22Bewaard op je plank.
