De draak op het dak
De draak zat op het dak van de schuur. Hij was niet groot. Ongeveer zo groot als een kip, maar met veel meer mening.
Ik zag hem toen ik de fiets wilde pakken.
Hij keek naar mij. Ik keek naar hem.
Uit zijn neus kwam een klein wolkje rook. Niet genoeg voor brand. Wel genoeg voor vragen.
"Ben jij van iemand?" vroeg ik.
De draak knipperde.
In de schuur lag nog een oude ovenwant. Die pakte ik. Niet omdat ik hem wilde aaien. Gewoon voor het geval dat.
De draak sprong van het dak op de regenton. Zijn klauwtjes tikten op het plastic.
Toen zag ik het touwtje om zijn poot. Er zat een label aan zonder naam.
"Verdwaald dus", zei ik.
De draak zuchtte rook.
Ik ging mama halen.
Heel rustig.
Want een verdwaalde draak blijft nog steeds een draak.
De buurman kwam ook kijken. Hij had zijn jas nog half aan. "Dat is geen rook", zei hij. "Dat is mist uit de schoorsteen." Toch bleef de draak zitten. Hij leek de baas van het dak.
Klaar.
Leesmoment
May 22Bewaard op je plank.
