Het kaartje bij de halte
Bij de bushalte lag een kaartje op de grond.
Ik zag het meteen, omdat het blauw was. Het motregende. De stoep was nat en grijs. De kauwgom was grijs. Zelfs de lucht leek een beetje grijs.
Maar het kaartje was blauw.
Joep wilde er eerst niet aan zitten. "Misschien is het van iemand", zei Joep.
Dat was waar. Daarom pakte ik het bij het hoekje en hield het omhoog.
Op het kaartje stond geen naam. Wel stond er: RIT 12, LAATSTE HALTE.
We keken naar de paal. Daar hing een kaart met lijnen. Lijn 12 ging naar het station, langs de molen en langs het zwembad. Daarna kwam een plek die Klein Einde heette.
"Dat klinkt niet als een plek", zei Joep.
"Jawel", zei ik. "Het klinkt als het einde van een heel klein avontuur."
De bus kwam niet. Er kwam wel een vrouw met een rode tas. Ze keek naar het kaartje en glimlachte.
"Die is van mij", zei ze. "Ik stap bij Klein Einde uit. Daar staat mijn fiets."
Ze kreeg het kaartje terug.
Toen de bus kwam, zwaaide ze door het raam.
Ik keek naar lijn 12 op de kaart. Klein Einde stond er nog steeds.
Morgen zouden we kijken hoe klein dat einde was.
Klaar.
Leesmoment
May 22Bewaard op je plank.
