Voor groep 6
De rustige winnaar
Ik ben het kind, en op sportdag had juf Noor een lijst gemaakt.
Niet zomaar een lijst.
Een lijst met sporten die allemaal deden alsof ze belangrijker waren dan pauze.
We begonnen bij het startblok.
Daar moest je wachten tot het fluitje ging.
Dat was moeilijker dan rennen.
Rennen snapte mijn lijf.
Wachten snapte mijn lijf minder.
Daarna gingen we naar de tennisbaan.
Daar leerde iemand ons serveren.
Ik raakte de bal zo scheef dat hij bijna een nieuwe woonplaats zocht.
De trainer bleef vriendelijk.
Hij kon deze sport aanbevelen voor mensen met geduld.
Voor mensen zonder geduld kon hij vooral aanraden om adem te halen.
Verderop lag een blauwe mat die de piste moest voorstellen.
Daar oefenden we langlaufen zonder sneeuw.
Dat zag er recreatief uit.
Het voelde als dweilen met ambitie.
Mees koos daarna voor de duursport-ronde.
Ik koos voor water drinken.
Juf Noor zei dat ook een tempo had.
Langzaam, maar aanwezig.
Aan het einde mochten we zelf kiezen welke sport we later wilden beoefenen.
Sommige kinderen kozen iets fanatiek.
Sommige kinderen kozen iets omdat hun vriend meeging.
Ik schreef op: sporten waarbij je mag lachen als het mislukt.
Juf Noor las het en knikte.
"Dat is een sterke categorie", zei ze.
Toen voelde ik me toch een beetje winnaar.
Niet de snelste.
Wel de rustigste.