Voor groep 8
Het pak dat niet naar Mars ging
De ontwerpchallenge was: verzin iets voor astronauten.
Niet echt bouwen.
Wel een idee maken dat niet meteen uit elkaar viel als iemand een vraag stelde.
Ik ben het kind, en mijn eerste ontwerp was een ruimtepak van fleece.
Warm, zacht en totaal ongeschikt voor Mars.
Mila zei dat technologie niet hetzelfde is als veel laagjes stof.
Daar had ze irritant gelijk in.
We moesten ons ontwerp baseren op een probleem.
Innoveren begon volgens meester Bram niet met roepen dat iets futuristisch klinkt.
Het begon met beseffen wat er misgaat.
Astronauten moeten continu meten wat er met hun lichaam en pak gebeurt.
Dus bedachten we een mouw met nano-sensoren.
Op ons karton schreef Sem per ongeluk nano-nerds.
Dat hebben we laten staan tot de pauze.
Daarna werd het weer serieus.
De sensor moest een substantie in zweet kunnen meten.
Niet vies bedoeld.
Gewoon informatie.
Daarna kon het proefmodel nabootsen hoe de temperatuur prettig bleef voor de astronaut.
Mila wilde de procedure duidelijk maken met pijlen.
Ik wilde vooral dat onze pijlen niet leken op een spin die ruzie had gehad.
We moesten het idee implementeren in een proefmodel.
Dat proefmodel was karton, aluminiumfolie en optimisme.
Toch werkte het plan beter dan mijn fleecepak.
De noviteit was niet dat het glom.
De prioriteit was veiligheid.
Daar konden astronauten van profiteren.
Aan het eind zei meester Bram dat echte technologie vaak intensief testen vraagt.
Veel mislukkingen dus.
Sem keek opgelucht.
Hij zei dat hij dan vandaag al behoorlijk professioneel bezig was geweest.