Voor groep 4
De regel voor linkerschoenen
Meester Otto had een nieuwe regel.
Alle linkerschoenen moesten vandaag links van de kapstok staan.
"Waarom?" vroeg het kind.
Meester Otto keek ernstig.
"Omdat rechts al vol is."
Dat was merkwaardig.
Rechts van de kapstok stond niets.
Alleen een kruimel.
Een kruimel is geen volle gang.
Dat wist iedereen.
Mila keek naar haar schoenen.
"Moet mijn rechterschoen dan alleen blijven?"
"Voor vijf minuten", zei meester Otto.
Sam fluisterde dat meester niet goed snik was.
Niet echt.
Alleen vandaag een beetje.
De klas zette linkerschoenen links.
Rechterschoenen rechts.
Daarna moest iedereen op sokken naar binnen.
Dat voelde zot.
Ook koud.
De vloer had duidelijk geen sokken aan.
Bij taal schreef meester Otto een zin op het bord.
DE SCHOEN IS DE BAAS.
"Dat is geen zin", zei Mila.
"Jawel", zei meester Otto.
"Maar geen normale."
"Precies."
Het kind begon te lachen.
Een schoen als baas was waanzinnig.
Je zou steeds naar de gang moeten.
Voor overleg.
Na vijf minuten mocht iedereen de schoenen terughalen.
Sam liep naar de verkeerde rechterschoen.
Die was drie maten te groot.
"Deze baas past niet", zei hij.
Toen moest zelfs meester Otto lachen.
Hij vertelde dat hij een les over gekke regels gaf.
Regels moesten helpen.
Niet zomaar rondlopen met een belangrijk gezicht.
Het kind trok de eigen schoenen aan.
Links en rechts.
Heel gewoon.
Dat voelde ineens best slim.