Voor groep 5
Brief voor de ochtend
Hoi Mees,
Ik schrijf dit terwijl jij vast nog slaapt.
Dat is niet gemeen bedoeld.
Het is gewoon vroeg.
Zo vroeg dat mijn jas nog slaperig voelde.
Heel vroeg.
Mama en ik zijn naar de dijk gegaan voor de zonsopkomst.
Dat leek gisteren een mooi plan.
Vanochtend voelde het meer als straf voor iemand anders.
De straat was nog half donker.
De ramen van de huizen waren zwart.
Alsof iedereen zijn ogen dicht hield.
Niet aardedonker meer.
Wel grijs genoeg om alles geheim te laten lijken.
Bij de dijk stonden drie mensen met camera's.
Eén man had koffie.
Ik vond dat slim.
Ik had alleen een mandarijn.
Die hielp minder.
Boven ons hing nog een stuk sterrenhemel.
Mama wees naar de maan.
We hadden thuis over maangestalten gelezen.
Gisteren was de maan bijna rond.
Vandaag leek hij al iets dunner.
Alsof iemand er voorzichtig aan had geknabbeld.
Even later zag ik ook een sterrenregen.
Niet echt een regen.
Meer twee snelle strepen licht.
Maar sterrenregen klinkt beter dan strepen.
Dus ik houd het op sterrenregen.
Langzaam werd de rand van de lucht oranje.
Eerst heel voorzichtig.
Daarna alsof iemand verf morste.
De vogels begonnen alsof iemand op start drukte.
Toen kwam de zon.
Niemand klapte.
Dat vond ik netjes van iedereen.
Eerst een streep.
Daarna een halve bal.
Daarna veel te fel om stoer naar te kijken.
Ik werd pas toen echt wakker.
Misschien is dat de truc van een zonsopkomst.
Je moet er slaperig heen.
Anders werkt die minder goed.
Groet, Het kind