Voor groep 7
Applaus voor de bezem
De aula stond klaar voor het eerbetoon.
Dat woord maakte alles meteen officieel.
Alsof zelfs de stoelen rechterop gingen zitten.
Ik ben het kind, en ik wist niet voor wie het was.
Juf Noor zei dat sommige mensen miskend blijven.
Niet omdat ze weinig doen.
Omdat hun werk pas opvalt als het stopt.
Toen kwam Rachid binnen, de beheerder.
Hij keek alsof hij per ongeluk in zijn eigen verrassing was gelopen.
Op het scherm stonden foto's van kapotte sloten, lege gangen en een bezem.
Geen spraakmakend filmfragment.
Geen status zoals een beroemde sporter.
Wel jaren toewijding.
Meester Bram las een ode voor.
Niet te lang.
Dat was ook een vorm van respect.
Hij vertelde over lampen vervangen, pleisters zoeken en stoelen klaarzetten.
Rachid had nooit erkenning gevraagd.
Daarom kreeg hij die nu.
Mila had een kartonnen lauwerkrans gemaakt.
Die was scheef.
Rachid zette die toch op.
Dat maakte hem meteen buitengewoon waardig.
De hele klas moest lachen, maar vriendelijk.
Daarna mochten we zeggen wat we waardeerden.
Ik zei dat hij altijd wist waar de reserveballen lagen.
Dat klonk klein.
Maar zonder reserveballen wordt pauze politiek.
Rachid knikte.
"Ik doe gewoon mijn werk", zei hij.
Dat maakte het juist groter.
Soms is waarderen niet iemand groter maken.
Soms is het eindelijk goed kijken naar wat er al die tijd was.