Voor groep 5
Het briefje met stippen
Onder mijn laatje lag een bericht.
Niet een gewoon bericht.
Een briefje met stippen, strepen en rare blokjes.
Ik ben het kind, en ik vertrouw briefjes niet meteen.
Zeker niet als ze onder mijn laatje liggen.
Op het briefje stond ook een code.
A = 1.
B = 2.
C = 3.
Dat zag er slim uit.
Of alsof iemand veel tijd had.
Mees schoof dichterbij.
"Geheimschrift", fluisterde Mees.
Fluisteren maakt alles meteen belangrijker.
Zelfs als je alleen boterham zegt.
We probeerden het bericht te ontcijferen.
Ik schreef letters onder de cijfers.
Mijn potloodpunt brak precies bij de K.
Dat voelde expres.
Eerst kwam er K-O-M uit.
Daarna E-N.
Toen werd het spannend.
KOM EN...
"Kom en wat?" vroeg ik.
Mees keek naar de deur.
Alsof de deur iets wist.
Het laatste woord was Z-I-E.
KOM EN ZIE.
Dat klinkt als een filmzin.
Of in de gang van school.
Wij zaten helaas in dat tweede.
Onder het briefje stond nog iets kleins.
Voor je houden.
Dus ik mocht het niet verklappen.
Dat is lastig als je net iets interessants hebt.
Mijn gezicht wilde meteen praten.
In de pauze gingen we naar de kast bij het raam.
Daar lag een doos.
De doos had een sticker met een vraagteken.
Dat is vals spannend.
In de doos zaten uitnodigingen voor de klassenquiz.
De juf kwam erbij staan.
"Jullie hebben het gekraakt", zei ze.
Dat vond ik mooi.
Alsof mijn hoofd een sleutel was.
Ik hield het geheim tot na de pauze.
Bijna.
Mijn gezicht praatte een beetje mee.