Voor groep 6
De fietslamp in het raam
Voor ons buurtproject moesten we over veiligheid schrijven.
Dat vond ik eerst nogal volwassen.
Ik ben het kind.
Ik schrijf liever over dingen met minder formulieren.
Maar toen verdween de fietslamp van meester Otto.
Niet zijn hele fiets.
Alleen de lamp.
Dat is bijna beledigend precies.
Meester Otto deed aangifte.
Dat betekent dat je bij de politie meldt wat er is gebeurd.
In onze buurt was fietsdiefstal berucht.
Iedereen kende wel iemand met een verdwenen zadel.
Of een stuur zonder fiets eraan.
Juf Noor zei dat overlast soms klein begint.
Een lamp weg.
Een fiets omgeduwd.
Een portiek vol rommel.
Dat klinkt klein.
Maar klein kan toch irritant zijn.
Daarom kwam er een wijkagent in de klas.
Hij sprak niet spannend over criminaliteit.
Gewoon duidelijk.
Geen sireneverhalen.
Geen stoer gedoe.
"Koop nooit iets waarvan je denkt dat het gestolen is", zei hij.
Dat heet heling.
Ik schreef het woord op.
Het klinkt als iets medisch.
Is het niet.
Op het plein maakten we preventief stickers voor fietsen.
Preventief betekent: iets doen om problemen te voorkomen.
Mees maakte een sticker met: MIJN FIETS IS NIET OP VAKANTIE.
Dat was niet officieel.
Wel beter.
Mijn sticker werd scheef.
Dat maakte de sticker herkenbaar.
Na school zagen we in een leeg winkelpand een doosje fietslampen liggen.
Leegstand maakt ramen extra verdacht.
Juf Noor belde de wijkagent.
Het was niets groots.
Een winkelier was aan het opruimen.
Toch voelde het project ineens echt.
Ik schreef in mijn verslag:
Veiligheid is niet alleen sirenes.
Soms is het ook een sticker.
En opletten zonder detectivehoed.